Albinisme


Ga naar de inhoudsopgave

Anatomie

Albinisme > Huid

Anatomie van de huid

De bovenste (buitenste) laag van de huid is de opperhuid. Hierin bevindt zich de hoorn- of eeltlaag die voor stevigheid zorgt. Ook worden hier zwarte pigmentkorreltjes aangemaakt (vooral melanine ) die zorgen voor pigment: de kleuring van je huid. De opperhuid bestaat voor zo'n 70% uit water, maar voor de hoornlaag is dat maar 15%. Het vochtgehalte in de huid zorgt ervoor dat je huid er jeugdig en fris uitziet. Een babyhuidje bevat dan ook veel water en weinig vet. Een huid met lage vochtigheidsgraad blijft even een paar seconden omhoog staan als je een huidplooi oppakt. Veel water drinken helpt om het vochtgehalte op peil te houden. Wassen met zeep wordt afgeraden bij een droge huid: het verwijdert wel vet uit de huid, maar onttrekt ook vocht. Hoorn oftewel eelt neemt makkelijk water op en kan dan heel week worden, bijvoorbeeld onder de voetzolen. Maar het droogt ook weer makkelijk uit, waardoor schilfers kunnen ontstaan. Voordeel is dat deze huid wel heel slijtagebestendig en stevig is.

Onder de opperhuid ligt de dikkere lederhuid. Deze is opgebouwd uit een ingewikkeld netwerk van steunvezels en elastische vezels. Deze geven dus steun aan de huid, en zorgen dat de huid elastisch is. Als je ouder wordt gaat de rek uit de elastische vezels. Ook neemt de hoeveelheid vocht af in de tussenstof: een stof tussen de vezels. Bij veel vocht zwellen de stofdeeltjes op, en wordt de huid glad en glanzend. De vezelproductie wordt bepaald door onze hormonen. Geslachtshormonen zorgen voor een ophoping van vocht. Daardoor hebben veel vrouwen last van een opgezwollen gevoel in handen of voeten net voor de menstruatie.



Mensen met Albinisme kunnen gemakkelijk verbranden en is het noodzakelijk dat zij hun huid bedekken.






Terug naar de inhoudsopgave | Terug naar het hoofdmenu